Omar

JUDIFAX OMAR
VZH (BH), IPO III, ZTP 1A sg
 * 27-12-1998 – 12-11-2007

OMAR,
Reus van een hond, met een klein hartje dat keer op keer smolt bij de aanblik van een bekend gezicht.
Enthousiast en blij zie ik je nog lopen grote pootafdrukken achterlatend en zoveel meer.

De indruk van een hond met karakter
Omar, mensenhond,Hans en ik waren je grootste vrienden.
samen met Raja Guna was je buiten ”baas’ dat wil zeggen, als ik er niet was. En nu………nu laat je een grote leegte na.
Het leek alsof je omver wasgeblazen door de wind, maar de dierenarts had jou uit je lijden verlost.
Je lag daar op de grond…
Raja probeerde je omhoog te porren rende om je heen likte aan je lippen, ze wilde zo graag dat je weer op zou staan.
Maar jij had de rust gevondenen, zelfs Bram was erdoor geraakt.
Zijn lichaamstaal vertelde ons dathij staarde in het niets…………of zag hij jou?
Omar, pracht van een hond, afscheid had je al genomen.
Op de dag dat Roanka stierf, galmde je
klaagzang door het bos.
Jij wist het en wij voelden het. Nu je er niet meer bent ,voorgoed onvindbaar doet het pijn, zo pijn.
Wat zullen we je missen schat van een hond !

Epitaph to a dog

Near this spot
Are deposited the remains of one who possessed
Beauty Without vanity,
Strength without insolence,
Courage without ferocity,
And all the virtues of man Without his vices.
When some proud son of man returns to earth,
Unknown to glory, but upheld by birth,
The sculptor”s art exhausts the pomp of woe,
And storied urns record who rests below
When all is done, upon the tomb is seen,
Not what he was, but what he should have been
But the poor dog, in life the firmest friend,
The first to welcome, foremost to defend,
Whose honest heart is still his master”s own,
Who labors, fights, lives, breathes for him alone,Unhonored falls, unnoticed all his worth,
Denied in heaven the soul he held on earth –While man, vain insect! hopes to be forgiven,
And claims himself a sole exclusive heaven.
Oh man! thou feeble tenant of an hour,
Debased by slavery, or corrupt by power — Who knows thee well must quit thee with disgust,
Degraded mass of animated dust!
Thy love is lust, thy friendship all a cheat,
Thy smiles hypocrisy, thy words deceit! By nature vile, ennobled but by name,
Each kindred brute might bid thee blush for shameYe, who perchance behold this simple urn,
Pass on — it honors none you wish to mourn.
To mark a friend”s remains these stones arise;
I never knew but one — and here he lies.

George Gordon, Lord Byron